De geschiedenis van homeopathie gaat terug tot 1810, toen de Duitse arts Samuel Hahnemann een nieuwe geneeswijze voorstelde als alternatief voor de reguliere praktijken van die tijd. Die praktijken behelsden ook aderlaten en purgeren, die vervolgens Hahnemann de patiënten vaak eerder verzwakten dan de ziekte waaraan zij leden. Het nieuwe systeem zou worden gebaseerd op milde middelen om het lichaam te helpen zichzelf te genezen.

Hahnemanns ideeën waren gebaseerd op ontdekking dat een kruidenmiddel tegen malaria (kinabast) juist symptomen van de ziekte, zoals hoofdpijn en koorts, veroorzaakte als het door een gezond persoon werd ingenomen. Hij concludeerde dat symptomen het verzet van het lichaam tegen de ziekte vormden en dat medicijnen die dezelfde symptomen veroorzaakten als de ziekte, het herstel konden bevorderen. Later ontdekt men dat kinabast kinine bevat, het eerste medicijn tegen malaria.<!–more–>

Hahnemanns ideeën waren in feite de herontdekking van een eeuwenoud principe dat al in de 5e eeuw v.C. was gesteld door de Griekse arts Hippocrates ‘het gelijkende geneest het gelijkende’. Hahnemann noemde het nieuwe systeem homeopathie (‘als de ziekte’), in contrast tot de reguliere geneeskunde, die hij allopathie noemde (’tegen de ziekte’), omdat ze medicijnen gebruikt om symptomen te onderdrukken of te voorkomen.

Hahnemann meende dat kleine doses van homeopathische middelen veiliger waren dan grote, en toch effectief bleven. Hij experimenteerde vele jaren op zichzelf, familie en vrienden met een grote reeks natuurlijke stoffen in verdunde vorm. Zijn benadering was holistisch, dus op de hele persoon gericht, geestelijk, emotioneel, spiritueel en fysiek. Zijn middelen trachten het natuurlijke evenwicht van het lichaam te herstellen en het te sterken in de strijd tegen ziekten. Hoewel de belangstelling in het begin van de 20e eeuw afnam, is de populariteit van homeopathie de laatste jaren weer sterk gestegen, onder neveneffecten van conventionele medicijnen.

Homeopathie tracht met behulp van natuurlijke middelen de genezende krachten van het lichaam te versterken. Ziekte wordt gezien als een teken van disharmonie of innerlijke onbalans. Homeopaten proberen dan ook liever de onderliggende problemen op te lossen dan de symptomen te bestrijden. Daarvoor gebruiken ze middelen die bestaan uit natuurlijke substanties in een sterk verdunde vorm. Onverdund zouden deze bij gezonde personen juist de symptomen van de ziekte opwekken. De symptomen worden beschouwd als teken van verzet van het lichaam tegen de ziekte.

Homeopaten zeggen, dat hoe dichter een middel de symptomen van een ziekte benadert, hoe beter het werkt, en hoe verder verdund de dosis, hoe groter het effect. De speciale manier waarop de middelen worden bereid, zou ze namelijk met elke verdunning sterker maken. Elk middel wordt met zorg getest (beproefd) op vrijwilligers, die een jaar lang sterk verdunde mengsels gebruiken en alle symptomen noteren. Daarbij horen ook persoonlijke gegevens over eet en slaapgewoonten, stemmingen en relaties, want homeopaten geloven dat het lichaam als een geheel functioneert.

Als het middel beproefd is, mag het aan patiënten worden voorgeschreven, die gewoonlijk slechts een dosis van een hoge potentie krijgen. Afgezien van de reeds aanwezige symptomen hebben de middelen zelden andere effecten. Soms kunnen de symptomen aanvankelijk verergeren, maar dat duurt meestal niet lang en zou worden gevolgd door genezing. Homeopaten besteden vooral aandacht aan symptomen die het meeste effect hebben op het algemeen vermogen tot functioneren van de patiënt, met name psychische of emotionele symptomen.

Aandoeningen van het hart acht men bijvoorbeeld belangrijker dan aandoeningen van de huid. De ernst van de symptomen binnen elk lichaamsstelsel wordt naar orde van belangrijkheid ingedeeld, maar ongewone symptomen zijn van groter belang. Iemands geestelijke en emotionele toestand, algemene problemen, zoals slapeloosheid, en bijzondere symptomen, zoals tintelingen alleen in de linkerhelft van het lichaam, zullen dus meer aandacht krijgen dan huiduitslag, hoewel dat oorspronkelijk de aanleiding voor het consult kan zijn geweest.

De homeopaat zal niet alleen kijken naar uw symptomen, maar ook naar uw gedrag en houding; uw stemming en gemoedstoestand (hoe bezorgd of gespannen bent u), uw persoonlijke omstandigheden, emotionele reacties, angsten en overtuigingen. Het eerste consult duurt meestal een uur of langer. Meestal geven homeopaten maar één dosis van een middel en bekijken eerst het effect voordat ze verder adviseren.

Een verandering zou erop wijzen dat het middel het genezingsproces van het lichaam heeft versterkt en dat verdere behandelingen niet nodig is. Bij eenvoudige, tijdelijke klachten, zoals hoofdpijn zou het middel praktisch direct moeten werken. Patiënten met langduriger klachten, zoals reuma, blijven maandenlang onder controle. Ze zullen extra dosis of andere middelen krijgen als de verbetering stopt of wanneer zich nieuwe symptomen voordoen.

Homeopaten geloven dat tijdens de kuur de symptomen overgaan van belangrijke naar minder belangrijke lichaamsstelsels en van de binnenkant van het lichaam naar de buitenkant. Tijdens de genezing zouden dus symptomen van het hart kunnen verschuiven naar de huid. Symptomen zouden verdwijnen in tegengestelde volgorde van hun verschijning, de meest recente symptomen het eerste. Dit staat bekend als de ‘wet van de richting van de genezing’. Soms verergeren symptomen voordat ze verdwijnen of komen symptomen van oude kwalen tijdelijk terug om dan voorgoed te worden genezen.

Hoewel homeopathische behandelingen en geneesmiddelen via de aanvullende verzekering vaak worden vergoed, wordt homeopathie niet onderwezen op de universiteiten. Veel artsen hebben moeite met het homeopathische uitgangspunt: hoe vaker een middel is verdund, hoe groter het effect zou zijn. Dit staat lijnrecht tegenover de ideeën van de reguliere geneeskunde. Veel homeopathische geneesmiddelen zijn zo sterk verdund, dat ze waarschijnlijk nog maar weinig moleculen van de originele stof bevatten.

Homeopaten zeggen dat de kracht schuilt in het verdunningsproces zelf, dat voetsporen van het originele extract in de oplossing achterlaat. Omdat dit wetenschappelijk onverklaarbaar is, wijzen veel artsen die theorie echter af. Het is heel moeilijk de homeopathie, die een verscheidenheid aan middelen gebruikt om de gehele persoon te behandelen, te vergelijken met de reguliere geneeskunde, die afgaat op specifieke middelen voor bepaalde ziekten met vaste en geaccepteerde symptomen.

Veel artsen schrijven de voordelen van een homeopathische behandeling toe aan het placebo-effect, de middelen zouden helpen omdat de patiënt erin geloofd, en niet omdat ze zelf effectief zijn. Toch hebben wetenschappelijke proeven aangetoond, dat homeopathie voordelen heeft die niet alleen aan het placebo-effect kunnen worden toegeschreven, anders zouden er ook niet zoveel homeopathische dierenartsen zijn.

Desondanks worden die bevindingen hevig betwist. Ook al geloven veel artsen niet in de effectiviteit van homeopathie, de meesten van hen menen dat juist door de sterke verdunning de middelen in elk geval geen kwaad kunnen.